RAGNARÖK
Als het zwavel uit het zand,
als de vogel is gevlogen –
veren houd ik in mijn
hand – is gekomen,
klimt het op langs
muur en rots.
Klimt het op, zo is de stemming
(het momentum) van de geest
en van het gas dat
donker dampt. ‘t
Houdt dapper
stand, is
als een
ei.
Gebakken ei, zuinig met
gas (want prijzen stijgen)
zo met zon. Klimaat-
neutraal nu ook in
mythen en legen-
des – levend,
dood.
Niet is de korrel, niet
het zout; noch is de
korrel, de relatie
in ‘n verband ge-
bracht met hen.
En zij zijn niet – men zou
verwachten – vol voor
vreugdelijk gevlogen
naar het eiland, iets
ten noorden.
Noorderling is noorderzon,
ze zijn vertrokken.
Yggdrasil, de
wereldboom;
de ondergang
van machten
(Frigg).
Spreken de platen van de
wand. Hier zwijgt het
marmer, daar spat ‘t
goud. De blade-
ren atlas als
klok.
Wat zeggen ons de sagen
en wat is nog in hun
belang, wanneer
ze natuurwetten
daar schenden
(wetenschap)?
Geld vergulden en geduld
een oefening in
even is; in
wegen is.
Vidar...
Vali.
M.J.C.A.
09-08-2008, Preston (Harris Museum and Art Gallery)
Naar
TEGENGIF >>>
|