JENGHIS KHAN
aan de munkh huh tenger
eeuwige blauwe hemel
op burhan haldun uul
centraal gelegen
gij heel en al tot
temüjin ‘t naaste
zaad van
yekusai
elfhonderdvijfenvijftig
totdat de dood ons
schijnt
als hij geleefd
zou hebben
nog men
zou niet
vieren
denken
velen
een jonge hond stopt
sporen en is speels
paginagroot zijn
zijnsintentie
geef hem een kunststuk
en hij zal het kublai
dopen
is yasa niet de yasa die
de wet doet
gelden ja
in ons
gelaat
dat was de stemming
voor die omsloeg
dankzij
xia
börte van konkirat
willens en wetens
de theorie van
de tanguten
de grote muur hij ging
er om het deed ertoe
ze gingen rond en
bestudeerden de
tactieken van
de jin
bloeddorstig strijder
reputatie van de
perzen de
tapijten
de grote veldheer er
werd vice versa
gespietst
transoxanië gesmolten
onder mijnen zo is
zilver
de berg liupanshan
daar is het schild
noch mens noch
offer hand
hij telde sterren tot
een onvoltooide
vijfvoud
minimaal omen voor
vernietiging het
grote rijk van
jin en alle
plannen
ver in europa de
genetische ver
smelting naar
de ‘y’ spreidt
zeldzaam
spannen
wel 0.5%
willens en wetens
de theorie van
de tanguten
twaalfhonderdzeven
en twintig
als hij geleefd
zou hebben
nog men
zou niet
vieren
denk in
delen
mausoleum hekken
hoeken ronde
bogen strakke
trekken een
gelaat is
geen ge
zicht
volwaardig khan
en grote khan
iedere khan
M.J.C.A. 16-02-2007
|